PPWR · Lege ruimte

Je verstuurt meer lucht dan je denkt

De PPWR wil onnodige lege ruimte terugdringen, maar de meetmethode wordt nog uitgewerkt. Wachten daarop is zonde: met je eigen orderdata kun je vandaag al vaststellen waar de lucht zit — en dat is precies de onderbouwing die je straks nodig hebt.

■ Hoe je het meet ■ Waar het vandaan komt ■ Het assortiment doorlichten ■ De winst doorrekenen ■ Veelgestelde vragen

Meten kan al, een percentage claimen nog niet

Wat je vandaag wel en niet kunt zeggen

De PPWR (Packaging and Packaging Waste Regulation) trad op 11 februari 2025 in werking en is sinds 12 augustus 2026 grotendeels van toepassing; andere verplichtingen volgen gefaseerd. Het beperken van onnodige lege ruimte hoort bij het deel dat verder wordt uitgewerkt: de precieze meetmethode ligt nog niet vast.

Daarom noem ik hier geen drempelpercentage. Wie dat wel doet, suggereert een precisie die er op dit moment niet is, en loopt het risico zijn hele assortiment te herzien op een norm die er anders uit gaat zien. Wat je wél kunt doen, is meten met je eigen gegevens — en dat is nuttig ongeacht hoe de methode straks luidt.

De praktische maat is de vulgraad: het volume van het product gedeeld door het binnenvolume van de doos. Twee dingen gaan daarbij vaak mis. Ten eerste wordt er met buitenmaten gerekend; het verschil tussen binnen- en buitenmaat loopt bij dubbelgolf op tot ruim een centimeter per richting, en dat telt dubbel. Hoe dat precies zit, staat in de technische FAQ. Ten tweede wordt noodzakelijke beschermingsruimte als lucht geteld. Dat is het niet: ruimte die er zit om schade te voorkomen, vervult een functie.

Let op: een rechthoekige volumeberekening is een benadering. Bij onregelmatig gevormde producten zegt ze weinig, want tussen de vormen zit ruimte die je niet kunt gebruiken. Behandel de uitkomst dus als een signaal om ergens te gaan kijken, niet als een oordeel.

Waar overdimensionering vandaan komt

Zelden een beslissing, meestal een geschiedenis

Vrijwel niemand kiest bewust voor een te grote doos. Ze ontstaat op vier manieren, en het helpt om te weten welke bij jou speelt:

Die laatste is de lastigste, want daar zit een echte afweging onder. Schade voorkomen is een legitieme reden voor ruimte — maar dan hoort die ruimte onderbouwd te zijn als beschermingsruimte, niet stilzwijgend als speling te blijven bestaan. Hoe je zo'n onderbouwing vastlegt, staat op de pagina over golfkarton en de PPWR.

Je doosassortiment doorlichten

Vier stappen op je eigen orderdata

De analyse die het meest oplevert, kost een middag en vraagt geen software die je nog niet hebt: een export van je orderregels en een lijst met je doosmaten.

01

Koppel orderregels aan doosmaten. Hoe vaak is elke maat het afgelopen jaar gebruikt? Je ziet vrijwel altijd een steile verdeling: een handvol maten doet het meeste werk.

02

Reken de vulgraad per maat uit. Productvolume gedeeld door binnenvolume, gewogen naar gebruik. Zo weet je niet alleen welke maat het slechtst past, maar ook welke slechte pasvorm het vaakst voorkomt.

03

Zoek de gaten. Waar zit een grote sprong tussen twee opeenvolgende maten? Daar wordt structureel te ruim verpakt, en daar zit de winst van een tussenmaat.

04

Schrap de dode maten. Maten die minder dan een procent van de regels dekken, kosten voorraad, ruimte en foutkans zonder dat ze iets oplossen.

Rekenvoorbeeld. Een assortiment van veertien doosmaten en 60.000 orderregels per jaar. Vijf maten dekken 68% van de regels; vier maten komen onder de 1% uit. Voor die vijf grote maten reken je de gewogen vulgraad uit en die komt op 45% — oftewel: in je grootste stroom is 55% van het verzonden volume lucht. Twee tussenmaten toevoegen die de grootste sprongen dichten, terwijl je de vier dode maten schrapt, houdt het assortiment even groot en tilt de vulgraad in die stroom doorgaans richting 60 tot 65%. Aannames: rechthoekige producten, gelijkblijvende beschermingsruimte, geen wijziging in kartonkwaliteit.

De afweging die hier speelt, is niet “minder maten of meer maten”. Minder maten betekent eenvoudiger inkopen, minder voorraad en minder kans dat iemand de verkeerde pakt. Meer maten betekent minder lucht en minder vulmateriaal, maar ook meer omstellingen en meer complexiteit op de werkvloer. De uitkomst hangt af van jóuw ordermix, en dat is precies waarom deze analyse op je eigen data moet draaien en niet op een vuistregel.

Reken de winst door tot de vrachtwagen

Daar zit het grootste getal

Een besparing op karton is zichtbaar op de inkoopfactuur en daardoor het makkelijkst te verkopen. Maar het is meestal de kleinste post. De keten loopt door: een krappere doos vraagt minder vulmateriaal, er passen meer dozen op een laag, er gaan meer dozen op een pallet, er is minder folie per verzonden eenheid nodig en er gaan minder laadmeters mee de vrachtwagen in.

Die laatste stap is bepalend, omdat transport in de praktijk op volume wordt afgerekend en niet op gewicht. Een doos die 15% kleiner is, is zelden 15% goedkoper in karton — maar kan wel het verschil maken tussen twee ritten en drie. Reken daarom altijd door tot het aantal pallets per zending en de laadmeters per rit, ook als dat een schatting blijft.

Wat de doorwerking naar folie betreft: hoe je folieverbruik per pallet vaststelt, staat op de pagina over stretchfolie en de PPWR. En hoeveel vulmateriaal er met een krappere doos verdwijnt, staat op de pagina over vul- en beschermingsmateriaal.

Vuistregel: begin bij de maat die het vaakst wordt gebruikt, niet bij de maat die er het slechtst uitziet. Eén procent winst op je grootste stroom levert meer op dan dertig procent op een maat die je twee keer per maand pakt.
?

Veelgestelde vragen over lege ruimte

Kort en concreet, in gewone taal

De PPWR beperkt onnodige lege ruimte, maar de meetmethode wordt nog Europees uitgewerkt. Ik noem daarom geen drempelpercentage: dat zou een precisie suggereren die er nu niet is. Je kunt wel al meten en verbeteren met je eigen data, en dat is ook wat een eventuele toets straks van je vraagt.

Deel het volume van het product door het binnenvolume van de doos. Doe dat per doosmaat en weeg mee hoe vaak die maat wordt gebruikt. Let op dat je met binnenmaten rekent, niet met buitenmaten, en dat noodzakelijke beschermingsruimte geen lege ruimte is.

Allebei, en dat is precies de afweging. Minder maten betekent eenvoudiger inkopen, minder voorraad en minder foutkans, maar ook slechtere pasvorm en meer vulmateriaal. Meer maten geeft minder lucht maar meer complexiteit. De uitkomst hangt af van je ordermix, niet van een algemene regel.

Minder karton en vulmateriaal per zending, meer dozen per pallet, minder folie per pallet en minder laadmeters. Die laatste twee zijn meestal de grootste post, omdat transport per volume wordt afgerekend en niet per gewicht.

Bronnen en afbakening

Waar dit op gebaseerd is

Afbakening: dit is praktisch verpakkingsadvies, geen juridisch oordeel. De genoemde vulgraden en aantallen zijn rekenvoorbeelden op basis van genoemde aannames. De Europese meetmethode voor lege ruimte wordt nog uitgewerkt; toets een eventuele wettelijke drempel te zijner tijd aan de verordeningstekst en de bijbehorende uitvoeringsregelgeving.

Inhoudelijk gecontroleerd op 20 augustus 2026 aan de hand van de bovenstaande bronnen.

← Terug naar verpakkingsadvies & PPWR

Welke doosmaat kost je het meeste lucht?

Met een export van je orderregels en je doosmaten licht ik je assortiment door en zie je waar een tussenmaat zich terugverdient.

Plan een quickscan
Chat met Ivo →